In Nederland consumeren we meer vlees dan goed voor ons is en wereldwijd groeit de consumptie van vlees en zuivel. Deze situatie is onhoudbaar, want de vee-industrie heeft een dramatische impact op ons klimaat, milieu en onze leefomgeving.

Veevoer, veevoer, veevoer

Om vlees en zuivel te produceren is ontzettend veel veevoer nodig. Voor een kilo biefstuk moet de koe gemiddeld wel 25 kilo voer eten. Maar liefst driekwart van alle landbouwgrond op de wereld wordt gebruikt voor de productie van veevoer. Vruchtbare grond die hard nodig is om mensen van voedsel te voorzien.

Soja in veevoer

Koeien, varkens en kippen eten ook voer dat van het eiwitrijke soja is gemaakt. Van de twee miljoen kilo soja die wij importeren, is 1,8 miljoen kilo bestemd voor veevoer. Een deel van de soja die in Nederland als veevoer wordt gebruikt, is niet duurzaam. Voor deze sojaplantages worden in Zuid-Amerika mogelijk enorme stukken tropisch bos verwoest, inclusief alle biodiversiteit.

Klimaatverandering door de vee-industrie

Jaarlijks stoot één koe net zo veel broeikasgassen uit als één auto die ruim anderhalf keer de aarde rondrijdt. Een koe ‘produceert’ niet alleen vlees en melk, maar ook methaan en lachgas. Methaan is 25 keer zo schadelijk als CO2. De broeikaswerking van lachgas is 300 keer zo sterk als die van CO2.

Vervuiling van onze leefomgeving

Veel mensen beginnen door te krijgen dat de vee-industrie onze leefomgeving aantast. Nederland produceert jaarlijks 76 miljard kilo mest. De ammoniak, nitraat en fosfaat uit deze mest vervuilen de bodem en het grondwater. Daardoor verdwijnen allerlei soorten planten, insecten en vissen uit onze natuur. Daarnaast veroorzaakt de Nederlandse vee-industrie 22 procent van al het fijnstof in onze lucht. Veel fijnstof in de lucht is slecht voor de gezondheid. Het kan onder andere longkanker kan veroorzaken.